-F-
-F-
Fleurie
Een van de 10 cru’s uit de Beaujolais. Elegante, frisse en zeer bloemig-fruitige wijnen. Dit karakter, de grote produktie en de toepasselijke naam hebben de wijnen een grote bekendheid gegeven. Deze wijnen kunnen zo’n drie jaar rijpen.
Flesfout
Gebrek of fout in een wijn die alleen in een enkele fles voorkomt. Vaak gaat het om een geval van kurksmaak, soms ook om een infectie of onzuiverheid in die ene fles waardoor de wijn niet in optimale conditie verkeert.
Fors
Karakterisering van een wijn die stevig en rijk aan extract is. Een forse wijn heeft doorgaans vrij veel smaak, maar ook tannines en zuren. Vaak zijn het niet de meest verfijnde wijnen, uitzonderingen daargelaten.
Fris(heid)
Geur- en smaakaanduiding voor wijnen die reductief (onder afwezigheid van zuurstof) zijn gemaakt en/of een vrij hoog zuurgehalte bezitten. Wijnen met een frisse smaak geven dikwijls een ‘koele’indruk in de mond. De term fris wordt vaker gebruikt bij witte wijnen dan bij rode, hoewel er ook vele frisse rode wijnen worden gemaakt (bij voorbeeld in het Loire-gebied) Fris betekent niet noodzakelijkerwijs droog. Met name in Duitsland treft men veel frisse wijnen aan die ook zoet zijn.
Fruitig(heid)
Geur- en smaakaanduiding die associaties oproept met fruit. Fruitigheid komt veel voor in met name jonge wijn (vers fruit). Ook in oudere en belegen wijn kan fruitigheid aanwezig zijn. Vaak zijn het indrukken van gekonfijt fruit zoals dadels en vijgen. De term fruitigheid omvat een brede scale aan impressies, van fris (bessen en frambozen) tot exotisch (ananas en mango). Bij de moderne methode van vinificatie (wijnbereiding) legt men zich steeds meer toe op fruitigheid in zowel witte als rode wijn.
Fust
Benaming voor een houten vat. Het rijpen van wijn in een houten vat wordt fustrijping genoemd.











